Polymarket start rechtszaak tegen Kansspelautoriteit in Den Haag over verbod op Nederlandse gebruikers
Finley Franke · Oct 9, 2026

Polymarket start rechtszaak tegen Kansspelautoriteit in Den Haag over verbod op Nederlandse gebruikers

Het Amerikaanse voorspellingsplatform Polymarket heeft een rechtszaak aangespannen bij de rechtbank in Den Haag tegen de Kansspelautoriteit; het bedrijf betwist het verbod op het bedienen van Nederlandse gebruikers en voert aan dat zijn eventcontracten functioneren als derivatenhandel onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten in plaats van kansspelen die onder de wetgeving voor sportweddenschappen vallen. De procedure komt voort uit een reeks handhavingsmaatregelen die de Kansspelautoriteit in januari en februari 2026 heeft getroffen nadat Polymarket aandacht had getrokken door weddenschappen op verkiezingsuitslagen.
Achtergrond van de handhaving door de Kansspelautoriteit
De Kansspelautoriteit heeft Polymarket in januari en februari 2026 bevolen om alle activiteiten voor Nederlandse gebruikers te staken; het platform kreeg daarbij een last onder dwangsom opgelegd met boetes die kunnen oplopen tot 420.000 euro per week bij niet-naleving. De toezichthouder heeft bezwaren van het bedrijf afgewezen en handhaaft het standpunt dat het aanbod onder de Nederlandse kansspelwetgeving valt omdat het gaat om voorspellingen met financiële uitkomsten die als gokken worden gekwalificeerd. Volgens de Ksa ontbreekt de vereiste vergunning voor het aanbieden van kansspelen aan Nederlandse ingezetenen.
Standpunt van Polymarket in de rechtszaak
Polymarket betoogt dat de eventcontracten niet onder de definitie van kansspelen vallen maar vergelijkbaar zijn met derivaten die vallen onder het toezicht van de Autoriteit Financiële Markten; het platform verwijst daarbij naar de structuur waarbij uitkomsten afhankelijk zijn van objectieve gebeurtenissen en waarbij handelaren posities kunnen innemen zonder dat er sprake is van traditioneel wedden op sportevenementen. Het bedrijf heeft de zaak voorgelegd aan de rechter in Den Haag om het verbod en de opgelegde boetes te laten toetsen en voert aan dat de Kansspelautoriteit de activiteiten onterecht heeft gekwalificeerd als illegaal aanbod. De zaak richt zich specifiek op de vraag of de contracten als financiële instrumenten of als kansspelen moeten worden beschouwd onder Nederlandse wetgeving.
De rol van verkiezingsgerelateerde activiteit
Polymarket trok in de periode voorafgaand aan de handhavingsmaatregelen veel aandacht door de mogelijkheid om te wedden op uitkomsten van Amerikaanse verkiezingen en andere politieke gebeurtenissen; deze activiteit leidde tot verhoogde zichtbaarheid onder Nederlandse gebruikers en bracht het platform onder de aandacht van de Kansspelautoriteit. De toezichthouder heeft de populariteit van deze contracten meegenomen in de beoordeling dat het aanbod zonder vergunning werd aangeboden en heeft daarom besloten tot het verbod en de boetes. Polymarket heeft in de dagvaarding aangevoerd dat de contracten transparante prijsvorming volgen en vergelijkbaar zijn met markten die elders onder financiële regelgeving opereren.

Procedurele stappen en huidige status
De Kansspelautoriteit heeft na het opleggen van de last onder dwangsom bezwaren van Polymarket behandeld en afgewezen; het platform is daarop overgegaan tot het indienen van een beroep bij de rechtbank in Den Haag. De zaak zal naar verwachting draaien rond de interpretatie van de kansspelwetgeving en de vraag of eventcontracten onder de financiële toezichtregels van de Autoriteit Financiële Markten kunnen vallen. Beide partijen hebben hun standpunten schriftelijk uiteengezet en de rechter zal de argumenten over de classificatie van de contracten en de bevoegdheid van de Kansspelautoriteit beoordelen.
Conclusie
De rechtszaak tussen Polymarket en de Kansspelautoriteit in Den Haag stelt de afbakening tussen kansspelen en financiële derivaten centraal en zal duidelijkheid moeten verschaffen over de toepasselijkheid van de Nederlandse wetgeving op dit type platform. De uitkomst kan gevolgen hebben voor de handhaving van vergunningsplichten bij vergelijkbare diensten en voor de positie van buitenlandse platforms die Nederlandse gebruikers bedienen zonder lokale vergunning. De procedure loopt door in oktober 2026 en volgt op eerdere handhavingsbesluiten uit begin 2026.